Dit moest dé Mercedes worden voor alleenstaande papa’s

En natuurlijk ook voor de mama’s.

Een rivaliserend automerk uit praktisch dezelfde regio pronkt er in zijn slogan misschien mee dat het zo’n technisch onderlegd bedrijf is, bij Mercedes-Benz zijn de techneuten ook niet van gisteren. Sterker: dat waren ze eigenlijk nooit. Hiervan is het F100 Concept, dat in 1991 tijdens de Auto Show in Detroit werd gelanceerd, het levende bewijs. De auto staat tegenwoordig in een museum, maar zijn invloed vinden we nog altijd terug in moderne auto’s.

Op het eerste gezicht oogt het studiemodel mogelijk wat ongemakkelijk, dankzij zijn merkwaardig ontworpen carrosserie, op verschillende vlakken is de F100 een vooruitstrevend apparaat.

Laten we om te beginnen eens de aandrijflijn onder de loep nemen. Omdat de F100 de eerste in een lange reeks van onderzoeksvoertuigen was, werd de auto door de ontwikkelaars van de Duitse automaker gebruikt om uit te vinden welke krachtbron of brandstof het in de toekomst wilde gebruiken. Uiteindelijk landde Mercedes op de 2,6-liter V6 (M112), gelegen in een hoek van 90 graden. Het was voor het eerst dat deze later vrij bekende motor in een Mercedes terechtkwam. In het proces overwoog Mercedes om de auto op waterstof te laten rijden. De F100 had een drietrapsautomaat, waardoor de ongeveer 200 pk van de zescilinder naar de voorwielen werd gestuurd.

De aandrijflijn is echter een van de minst interessante aspecten van het concept. Het interieur, bijvoorbeeld, is reuze eigenaardig. Mercedes had hier een stoelopstelling van 1+2+2 gemaakt, waardoor het een soort verlengde McLaren F1 – die toen nog niet bestond – was. In tegenstelling tot wat je misschien verwacht had Mercedes de enkele voorstoel niet voor het esthetische effect voorin de auto geplaatst. Nee, het diende een heel specifiek doel. Volgens Mercedes was uit onderzoek gebleken dat er, gemiddeld, ongeveer 1,3 personen per keer in een auto rijden. Bescherming van de bestuurder was dus van groot belang. Zodoende werd zijn/haar stoel naar het midden verplaatst en kreeg de bestuurder ter bescherming voldoende veiligheidsmiddelen om zich heen, in het geval van een ongeluk.

Veiligheid was voor de F100 Concept sowieso een belangrijk aandachtspunt. Naast nadrukkelijke bescherming van de bestuurder kreeg de auto nog tal van dergelijke features om de veiligheid te waarborgen. Mercedes plaatste meer dan 25 jaar geleden al voorlopers van systemen als blind spot assistant, automatic lane keeping en autonome cruise control – iets dat dankzij het implementeren van radars in de voor- en achterbumpers mogelijk was – in de auto. Tevens had de auto een systeem waarmee files ontweken konden worden en kon de F100 zelfstandig een noodsignaal uitzenden wanneer dat nodig was. Dit is te zien in het filmpje hieronder, rond 2:30.

Het moge duidelijk zijn dat de F100 volgepropt is met allerlei interessante techniek, maar we hebben zeker nog niet alles gezien. Mercedes voorzag bijvoorbeeld dat er mettertijd steeds meer nadruk gelegd ging worden op technologie in auto’s. Hierom had het niet alleen een computer in de auto verwerkt, maar ook een mobiele faxmachine en een telefoon die met de stem bestuurd kon worden. Daarbij zat er een satellietnavigatie in de F100 en had de auto een achteruitrijcamera. Het zijn allemaal zaken die later op grote schaal in productieauto’s terecht zullen komen. Een ander goed voorbeeld hiervan zijn ook de koplampen met xenon-verlichting. Een aanzienlijk deel van de elektrische systemen kreeg zijn stroom van de zonnepanelen op het dak van de auto, die zich meer dan 2 meter over de wagen uitstrekten.

Wanneer we tenslotte het ontwerp van de F100 nog beter proberen te ontdekken, zijn het de deuren en het dakwerk waarnaar onze ogen voornamelijk afdwalen. De voordeuren zwenken als het ware naar buiten, terwijl de achterdeuren juist schuifbare exemplaren zijn. Alles bij elkaar maakt het de auto een waardig concept, dat Mercedes hierom met recht een prominente positie in zijn eigen collectie heeft gegeven.

Wat staat in de garage bij deze Heerenveense villa?

Deze kerstvilla heeft een verrassing in de garage staan.

Alsof we ’s winters beladen zijn onder een diep pak sneeuw, geeft deze villa in Friesland de kerstsfeer goed weer. Die fata morgana is snel voorbij, want de resterende gallery toont het grijze en grauwe Nederland dat we kennen tijdens de winterdagen. Maar wat kan ons dat huis nou schelen, de garage is waar we voor komen.

En de garage is niet verkeerd te noemen. Althans, de inhoud. De dubbele garage lijkt niet heel groot. Er kunnen twee auto’s geparkeerd worden en de huidige eigenaar heeft zeker iets exotisch in zijn garage staan. In de advertentie wordt niet gesproken over een verwarmde hellingbaan. Mocht dit niet zo zijn, dan is het nog lastig naar boven rijden met een achterwielaangedreven sportieveling.

De woning stamt uit 1997 en telt negen kamers. Aangezien de villa zich niet in de randstad begeeft koop je voor de vraagprijs van dik 1,2 miljoen euro behoorlijk wat ‘huis’. Er is onder meer een vrijstaand bijgebouw met daarin een zwembad én een wellnesruimte. Je kunt de advertentie hier bekijken.

Ferrari-motor is perfecte decoratie voor in huis

Scoor één van de lekkerste moderne V12’s in huis.

De atmosferische V12 is stervende, dat moge duidelijk zijn. Als er één automerk is die vandaag de dag nog geweldige twaalfcilinders bouwt is het Ferrari wel. Je kunt er binnenkort eentje in de woonkamer zetten, want dit exemplaar gaat geveild worden.

Het gaat hier om een 6.3-liter V12 uit de Ferrari FF. De motor kennen we vandaag de dag van de 812 Superfast, al is het blok in deze Ferrari 6.5 liter groot. De 6.3-liter motor die geveild gaat worden is een directe aankoop van Ferrari geweest. Het blok heeft 12.000 kilometer gelopen en werd gebruikt als testexemplaar. De V12 lag gelepeld in FF prototypes die jaren geleden in en om Maranello reden.

Ferrari-motor is perfecte decoratie voor in de kamer

De motor is compleet en kan in principe in een auto geplaatst worden. Het blok staat op een standaard en kan naar wens ook fungeren als decoratie in huis. De V12, die 660 pk en 683 Nm koppel levert, zal worden aangeboden zonder minimumbedrag. Veilinghuis RM Sotheby’s laat niet weten wat de FF-motor eventueel kan gaan opleveren.

Autoverkoop 2018: zoveel nieuwe auto’s kochten we

De kakelverse cijfers zijn binnen!

Het was een beter jaar voor de Nederlandse autoverkoop als je de cijfers vergelijkt met 2017. In 2017 werden 414.306 nieuwe auto’s verkocht, in 2018 waren dat 443.812 nieuwe personenauto’s. Een stijging van 7,1 procent, aldus cijfers van RDC/CARmonitor, bewerkt door AUMACON. Vooral in de laatste maanden was er nog een run op nieuwe auto’s. Merken als Jaguar en Tesla hadden te maken met roodgloeiende telefoontjes. Zakelijke rijders wilden nog op het laatste moment kunnen profiteren van de zeer aantrekkelijke bijtellingsregels die vanaf vandaag niet meer gelden op de duurdere elektrische auto’s.

Die 443k verkopen zijn nog steeds niet goed te noemen in vergelijking met pak hem beet 10 jaar terug. De vraag is dan ook of we ooit weer zoveel nieuwe auto’s gaan verkopen in Nederland. De occasionmarkt is immers booming en moderne auto’s zijn technisch prima in orde. De gemiddelde consument heeft er geen baat bij om een nieuwe auto te kopen. Bovendien zijn nieuwe auto’s er door de WLTP-maatregel allesbehalve goedkoper op geworden.

Eventjes gouden tijden voor Tesla en Jaguar

Het zal dit jaar interessant worden om de verkoopcijfers van Tesla en Jaguar in de gaten te houden. Door het Nederlandse bijtellingssyteem is het verstoorde evenwicht van de markt goed zichtbaar. Tesla verkocht in 2018 een keurige 8.604 auto’s in Nederland. Een stijging van 161,7 procent(!) in vergelijking met 2017. Jaguar doet er nog een schepje bovenop. Met 4.626 verkopen noteren de Britten een stijging van maar liefst 234,5 procent. I-PACE, I-PACE en nog eens I-PACE, er zijn in 2018 namelijk een slordige 3.500 stuks van dit model op kenteken gezet. Bizar, want in 2017 had het merk een zeer mager marktaandeel met slechts 1.383 verkopen in totaal.

Diesel, thank you next

Diesel blijft verliezen aan terrein. In 2018 was er sprake van een verkoopdaling van vijf procent. Slechts 13 procent van alle nieuwverkopen betrof een diesel. Diverse Duitse merken zijn echter nog lang niet klaar met de brandstof, denk bijvoorbeeld aan Mercedes die nieuwe zes-in-lijn diesels introduceerde. Niet iedereen denkt er zo over. In 2018 zei Porsche vaarwel tegen de brandstof.

Betere tijden in 2019?

AUMACON denkt dat dit jaar een beter jaar gaat worden voor de autoverkoop in vergelijking met 2018. Het kennisbureau mikt op een resultaat van 465.000 verkopen, een stijging van circa vijf procent in vergelijking met 2018. De elektrische auto zal een groot marktaandeel gaan nemen dit jaar. Men denkt dat EV’s 6,5 procent van de totale verkoop gaan vertegenwoordigen in 2019. Diesel gaat meer klappen incasseren, met een verwachte daling van 11 procent.

UPDATE: we hebben inmiddels ook de best verkochte merken van 2018.

Fotocredit: Jaguar I-PACE via @hhitalia op Autojunk

Autoblog wenst je een gelukkig nieuwjaar!

Nieuw jaar, nieuwe kansen!

Wat gaat de tijd toch snel. Precies 365 dagen geleden schreven wij dit artikel, speciaal voor jullie! In die tussentijd is er zoveel gebeurd dat we nu dus precies een jaar verder zijn. Wat een jaar was 2018. Verstappen die tweeraces wint, gekke bijtellingsregels, een complete EV-10-daagse en niet natuurlijk jullie: onze hondstrouwe lezers!

Bedankt voor het bezoeken van Autoblog tijdens de treinreis, tijdens de kantooruren, tijdens het innemen van het avondeten en tijdens het afscheiden van datzelfde avondeten. Het is een eer dat jullie elke keer weer onze artikelen lezen. Wees kritisch en lief voor elkaar en hopelijk gaan we een fraai jaar tegemoet!

En voor nu: doe de laptop dicht en de telefoon uit. Feliciteer je vrienden, familie, buren en je collega’s. Behalve als je nickname @toyotafortuner is natuurlijk, dan ben je de persoon met de allereerste comment van 2019! Zo, dan nu de champagnecollectie van @autoblogger opsporen…

Het verhaal van een praktische Lamborghini

Met zijn vieren (plus de hond) op pad, in stijl. Met een V12 uiteraard.

Laat ik maar met de deur in huis vallen: ik koester hatelijke gevoelens jegens de Lamborghini Urus. Er is gewoon iets chronisch mis met de auto. Ja, er staat Lamborghini op, maar er missen een paar Lamborghini chromosomen. Net als zijn concerngenoten hebben ze last van een veel te dunne bloedlijn: de Audi Q7, Bentley Bentayga, Porsche Cayenne en Volkswagen Touareg lijken gewoon te veel op elkaar, omdat het dezelfde auto is. Op elke autobeurs heb je het idee door Volendam of Urk te lopen: natuurlijk zijn er verschillen, maar potjandrie wat lijkt het veel op elkaar.

Audi Q8 '18

Bij de Urus is overduidelijk te zien dat het een Audi Q8 is met heel erg veel make-up. Waarschijnlijk hebben ze nét voldoende aan de Urus gedaan om de klanten te overtuigen dat het ding 280 ruggen waard is. Voor de goede orde, een Audi Q8 is er al vanaf 110 mille. Maak niet de illusie te denken dat je met de Urus een ‘Lamborghini’-motor krijgt, want dat is pertinent niet waar. Het is gewoon de V8 uit de Audi S8 Plus, in dit geval goed voor 650 pk.

Lamborghini Urus '18

Natuurlijk, Lamborghini gaat ontzettend scoren met deze auto. Er is kennelijk behoefte aan en wie is Lamborghini dan om daar niet aan te voldoen? Het is zo jammer, want het had zoveel fraaier gekund als het gaat om een praktische Lamborghini. Natuurlijk, we kennen de LM002. Maar die laten we even links liggen. Vandaag gaan we het hebben over de Lamborghini Faena.

Lamborghini Espada '68

Ondanks dat wij Lamborghini’s associeren met bijzonder vormgegeven supercars, is het merk destijds begonnen met Grand Tourers zoals de 350 GT, 400 GT en Islero, We gaan even terug naar de late jaren ’60. In 1968 komt namelijk de Espada (afbeelding boven) op de markt. Een luxe GT die plaats moest bieden aan vier personen. De door Marcello Gandini getekende lijnen zijn nog altijd indrukwekkend: er is nog geen auto die er op lijkt.

Lamborghini Faena '68

Op de Salon van Turijn in 1978 verschijnt er een nog familie-vriendelijkere Lamborghini. Het was niet Lamborghini zelf, maar een project van Frua. De auto wordt Lamborghini Faena genoemd. Dat is uiteraard niet toevallig gekozen. Het is een naam die, hoe kan het ook anders, verwijst naar het stierenvechten. Faena is een ritueel, een serie handelingen alvorens de stier sterft.

Lamborghini Faena '68

Het koste Pietro Frua en zijn team 8 maanden om een reguliere Espada om te bouwen tot Lamborghini Faena. Het chassis werd verlengd met 17,8 centimeter. Mede daardoor en de afwijkende neus was de totale wagenlengte 5,49 meter. Met een breedte van 1,90 meter en een hoogte van slechts 1,25 had de auto zeer bijzondere, maar uitermate fraaie proporties. Dankzij die extra lengte was er ruimte voor twee extra deuren. Normaal gesproken zien extra deuren er gekunsteld uit bij dit soort auto’s.

Lamborghini Faena '68

Zo niet bij de Faena. Mede dankzij de proporties van de standaardauto valt de extra lengte niet zo erg op. Sterker nog, we puur naar het zijaanzicht kijken, kunnen we dan niet stellen dat de Fuena zelfs iets mooier is? De Faena is in elk geval niet sneller dan de Espada. Dankzij de extra deuren en centimeters werd de auto namelijk zo’n 200 kilogram zwaarder.

Lamborghini Faena '68

De neus van de Faena was (destijds) futuristischer dan die van de Espada, maar om eerlijk te zijn is de neus niet het meest geslaagde onderdeel van de Faena. Achter de neus ligt overigens de bekende, hemels klinkende, Bizzarinni V12 met een slagvolume van 3.929 cc. Deze was gekoppeld aan een handgeschakelde vijfbak en leverde 350 pk. De Fuena moest in staat zijn om 6,5 seconden van stilstaand naar 100 km/u te accelereren. De topsnelheid bedroeg 243 km/u.

Lamborghini Faena '68

Het zou bij één exemplaar blijven. De auto is verkocht en schijnt eigendom te zijn van een Zwitserse verzamelaar. Lamborghini ging vervolgens weer verder met waar het goed in was: bijzondere sportwagens bouwen. De LM002 was een ideetje om inkomsten te genereren, wat niet helemaal lukte. Daarna zou het een tijdje lang stil blijven rondom een praktische Lamborghini.

Lamborghini Estoque Concept '18

In 2008 was daar ineens de Lamborghini Estoque, een spirituele opvolger van de Fuena. Ook de naam ‘Estoque’ is een verwijzing naar het stierenvechten, het is een type zwaard dat de matadors gebruiken. De Estoque maakte gebruik van een hoogtoerige 5.2 V10 (560 pk), afkomstig uit de Lamborghini Gallardo. Volgens Lamborghini was de auto dusdanig ontworpen dat een V8 of V12 ook mogelijk was.

Lamborghini Estoque Concept '08

Net als bij de Fuena zou het bij dit ene concept blijven. Er gingen geruchten over de productie, maar de Estoque bleek slechts een testcase om te kijken naar de mogelijkheden voor een praktischere auto in het gamma. Daar bleek in principe wel behoefte naar, maar dan in cross-over vorm. De Estoque werd niet doorontwikkeld, maar de Urus kreeg wel een kans.

Selfmade petrolhead overleden

Een eerbetoon aan deze selfmade man.

Aan het einde van het jaar hebben we helaas ook triest nietws. Jim Perkins is namelijk overleden. Nu kunnen jullie je afvragen: wie is Jim Perkins? Jim Perkins begon zijn leven net als wij: als ware petrolhead. Na jaren van bedelen om baantje in de automatie sector kwam hij bij General Motors terecht in de jaren ’60. Hij mocht toen op de garantie afdeling werken en de onderdelen keuren die terugkwamen van garantie. Niet echt de gedroomde baan, natuurlijk. Alhoewel Perkins zo wel kon werken bij zijn favoriet automerk: Chevrolet. Perkins werkte zich op ouderwetse manier op de ladder: door keihard te werken. Dat deed hij met verve, in de jaren ’80 was hij algemeen directeur van Chevrolet.

Het harde werken en de visie van Perkins werkte aanstekelijk, niet alleen voor General Motors, ook de concurrentie was onder de indruk van Jim Perkins. Toyota voegde de daad bij het woord en benaderde Perkins met een wel heel lucratief aanbod. Hij werd Vice President van Toyota USA. Hij werd op die positie aangewezen om te werken aan het zogenaamde ‘F Project’. In de jaren ’80 was Toyota bezig om een auto te bouwen die rechtstreeks kon concurreren met de Mercedes-Benz S-Klasse. Lees het complete verhaal over het F-Project in deze special.

Lexus LS400
Na een succesvolle lancering van het merk Lexus en de LS400 en ES250 stopte Perkins bij Toyota USA. Hij ging weer terug naar het oude nest: General Motors. Eenmaal aangekomen trof hij een regelrechte puinhoop aan. Het personeelsbeleid was een zooitje en de moraal was ver te zoeken. Aan Perkins de taak om dat weer recht te zetten. Er werd structuur aangebracht en Perkins zorgde ervoor dat alle afdelingen in een veel eerder stadium met elkaar om de tafel gingen om zo tot een beter eindproduct te komen. Het personeel kreeg veel meer inspraak en misschien nog wel het allerbelangrijkste: hij zorgde ervoor dat de medewerkers weer trots gingen worden op Chevrolet.

Chevrolet Corvette (C5)

Daar hoorde ook auto’s bij waar je trots op mocht zijn. Zo wilde General Motors aanvankelijk niets weten van een Corvette opvolger. De Corvette C4 verkocht uiterst matig en de auto’s waren niet zo goed als ze hadden kunnen zijn. Ja, ze waren snel, maar de bouwkwaliteit liet te wensen over, er was weinig verfijning en er was sprake van moordende concurrentie. Jim Perkins drong erop aan dat er een Corvette C5 zou komen en dat het ook nog eens een topauto zou worden. Dankzij de C5-generatie is de wereld positiever naar de Corvette gaan kijken. Lees hier alles over de geschiedenis van de Corvette C5. De Corvette was het huzaren stukje van Perkins, in 1996 ging hij met pensioen bij General Motors.

Om zijn vrije dagen op te vullen werd Perkins president van een grote Chevrolet dealergroep. Het trieste nieuws heeft ons bereikt dat Perkins afgelopen vrijdag is afgelopen. Hij werd 83 jaar oud.

Wat zijn jouw automobiele voornemens voor 2019?

Tijd voor een andere auto? Modificaties aan je auto? Een tweede, derde, of vierde auto?

Het is die tijd van het jaar. De tijd van terugkijken en vooruitblikken. Terugkijken op autogebied hoef ik niet te doen. Uw auteur heeft meer geschreven dan gereden. Een goede 1.100 artikelen dit jaar hier op Autoblog alleen al. Des te meer reden om vooruit te blikken. Ik hoop in 2019 weer een auto voor de hobby te kopen en de babbelbox vroeg zich af: wat zijn uw automobiele voornemens voor 2019?

De regels voor leuk autorijden worden strenger en de belastingen gaan omhoog. Aan de andere kant is de benzineprijs momenteel gunstig in Nederland. Wie zegt ooit een V8, V10 of V12 te willen kopen: doe het volgend jaar en deel die vreugde met iedereen op Autojunk! Collega @willeme liet onlangs nog zien dat 2019 een topjaar gaat worden voor youngtimers. Zolang de overheid niet sleutelt aan de 35%-regeling kan het best lonen om daar als zelfstandige gebruik van te maken.

Misschien heb je al de auto van je (bereikbare) dromen in handen en staat 2019 in het teken van de autoliefde. Modificaties, een goede opknapbeurt, een motorrevisie of een restauratie. Deel het hieronder in de comments en blik over een halfjaar nog eens terug op deze lezersvraag om te checken of je de voornemens waar hebt kunnen maken.

Deze 3 jaar oude auto heeft 313.840 km op de klok staan.

Nee, geen Volvo of Mercedes. Maar wat dan wel?

Voor sommige mensen is het al ‘een hoge stand’: honderdduizend kilometers op de klok. Met twee ton op de klok worden auto’s massaal in de verkoop gegooid want ze zijn op. De meeste auto’s moeten er wel een paar jaar over doen voordat ze die kilometerstand hebben bereikt. Als je redelijk veel rijdt, bijvoorbeeld 40.000 km per jaar, dan zit je na 5 jaar op 2 ton.

De auto die je op de foto’s ziet, heeft 313.840 km gelopen in slechts 3 jaar tijd. En dan spelen we niet vals met een auto die in januari op kenteken is gezet, maar 6 november 2015! Met dit soort jaarkilometrage verwacht je eigenlijk een Mercedes-Benz E-Klasse, Volvo V90 of een Toyota Land Cruiser. Niets is minder waar, want het betreft namelijk een MINI!

Toegegeven, het is wel een MINI Clubman (D) met een tweeliter dieselmotor van BMW. Nieuw leverde dit 1.995 cc grote blok 150 pk en 330 Nm, een perfecte motor voor acceptabele prestaties en een aangenaam verbruik. Natuurlijk, de auto ziet er wat afgeleefd uit, maar wat verwacht je met zoveel kilometers. De bestuurder heeft waarschijnlijk niet eens tijd gehad om de auto te stofzuigen of te wassen, want hij moest op de weg letten. Vergeet niet dat deze persoon 8.482 kilometer per maand aflegde. Dat is 1.957 kilometer per week of 279 kilometer per dag, als we er vanuit gaan dat de er ook in de weekenden mee gereden werd.

Mocht je geïnteresseerd zijn in de goedkoopste Clubman uit 2015, de advertentie op AutoTrack kun je hier bekijken.

‘Herhaling Mitsubishi Outlander-debacle is mogelijk’

Heeft de overheid niet goed doordacht wat de gevolgen kunnen zijn van de 2019 subsidieregels?

De Nederlandse overheid sloeg een flater met de subsidieregels op plug-in hybrides in 2013. Om op papier zuinige auto’s te stimuleren, kregen in de praktijk helemaal niet zo zuinige auto’s een heel aantrekkelijk prijskaartje voor de zakelijke rijder. Het gevolg was dat de verkopen van plug-in hybrides zoals de Mitsubishi Outlander PHEV in Nederland ontploften.

Toen het afgelopen was met de subsidie, was het ook afgelopen met de goede verkopen. Veel plug-in hybrides verdwenen naar het buitenland, want als consument is het niet financieel aantrekkelijk om een zwaardere plug-in hybride te rijden. Een prachtige uitleg is te vinden op de website van de Rijksoverheid.

Een plug-in hybride auto heet ook wel een plug-in hybrid electric vehicle (PHEV). Sinds 2017 gaat de berekening van de mrb voor dit soort auto’s over het hele gewicht. Inclusief de accu. Tot 2017 werd het gewicht van de accu in mindering gebracht bij de berekening van de mrb (kilocorrectie). Plug-in hybride auto’s rijden een veel kleiner deel van hun kilometers elektrisch dan verwacht. Daardoor zijn ze minder energiezuinig en milieuvriendelijk. Daarom bouwt het kabinet de belastingvoordelen voor plug-ins de komende jaren af.

Gelukkig leert de overheid van haar fouten. Oh nee, toch niet. Het kabinet Rutte III (VVD, CDA, D66 en ChristenUnie) wacht met het huidige subsidiesysteem mogelijk weer een nieuwe dure grap, zo waarschuwt kamerlid Pieter Omtzigt (CDA) van nota bene de partij die meeregeert. De econoom denkt zelfs dat een tweede Mitsubishi Outlander kan gebeuren.

Tot nu toe hadden alleen managers en financieel succesvolle ondernemers baat bij de subsidieregels. Niet iedereen in de zakelijke wereld kan immers een Tesla Model S, Model X of Jaguar I-PACE betalen. Volgend jaar is dat een ander verhaal. Er komen veel meer betaalbare elektrische auto’s op de markt en daar schuilt een gevaar, aldus Omtzigt in een CDA-blog.

Auto’s als de Kia e-Niro en de Hyundai Kona kunnen gekocht worden voor om en nabij de 40 mille. Reken daar 4%-bijtelling voor en de zakelijke rijder moet dan circa 50 euro per maand gaan betalen. Ter vergelijking noemt Omtzigt de Mitsubishi Outlander. Ook een auto die je destijds voor ongeveer 40.000 euro kon kopen en met 7%-bijtelling voor zo’n 100 euro per maand kon rijden.

De CDA-man denkt dat er een run kan gaan ontstaan op auto’s als de e-Niro en Kona, met als gevolg dat dit systeem de overheid honderden miljoenen aan belastingsubsidie gaat kosten. Er is immers geen limiet voor de overheid en dat noemt Omtzigt een kwalijke zaak. Met het huidige systeem wordt het een “stond erbij en ik keek ernaar”-spel voor de overheid.

In 2015 pleitte het kamerlid voor een noodrem als de belastingsubsidie uit de hand dreigt te lopen. Een meerderheid stond daar echter niet voor open en die is er dus nooit gekomen. Daarom gaan Omtzigt en partijgenoot Agnes Mulder 39 vragen afvuren op de staatssecretaris van Financiën, de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat en de minister van Financiën. Ze hopen voor 14 januari 2019 om 12.00 uur een antwoord te hebben. De vragen gaan over oversubsidiering, de kosten van een batterij en of de staatssecretarissen en minister wel rekening hebben gehouden met de eventuele gevolgen van de subsidieregels.