Waarom Max Verstappen nu ontzettend goed is

Of…Valt dat eigenlijk wel mee?

Wellicht heb je het al gehoord als verstokt F1 fan, want in het afgelopen Grand Prix weekend werd er nogal een puntje van gemaakt door de officiële kanalen van de sport. De beweeglijke journalist Will Buxton heeft uitgevogeld dat Max Verstappen tijdens races al een heel jaar ongeslagen is. Een heel jaar lang! 22 races!

Dat dit stukje trivia gewicht draagt, komt natuurlijk doordat Max vorig jaar nog een wat ‘hectische’ seizoensstart meemaakte. De chaotische serie bereikte een hoogtepunt in Monaco, waar Max zijn kans op de overwinning volstrekt onnodig in het putje gooide, via een crash in VT3. De klapper was tot overmaat van ramp een copy-paste van 2016, wat het nog makkelijker maakte om Max te verwijten dat hij ‘niks leerde van zijn fouten’ (video). De internationale media slepen dan ook de messen. Max verdedigde zich door te dreigen met een kopstoot.

Hoewel de Nederlander voor de buitenwereld niks wilde weten van een andere aanpak, startte MV33 ‘2.0’ vanaf de volgende race in Canada (2018) met een indrukwekkende serie, die tot op de dag van vandaag nog steeds voortduurt. Max lijkt gevoelsmatig ook wat meer geduld te betrachten op de baan, soms zelfs tot het punt dat je Max 1.0 terug wil. Ik denk dat die laatste zijn Red Bull gewoon naast de Merc van Hamilton had gezet bij de hairpin in Monaco. Het is ook nooit goed…

Enfin, als je de verhaallijn volgt, valt het echter niet te ontkennen dat Max 2.0 wel de resultaten over de streep trekt en daarbij belachelijk weinig fouten maakt. Toch is de claim dat Max 22 races lang zijn teammaten verslagen heeft wellicht een tikje onderhevig aan inflatie. Hieronder leggen we uit waarom.

Ten eerste worden de Grand Prix van Groot Brittanië en de Grand Prix van Hongarije van vorig jaar al buiten beschouwing gelaten, daar Max in die races uitviel met technische malheur. Dus dan zitten op 20 races. Ten tweede viel Ricciardo in maar liefst zes(!) andere races uit die Max wel finishte, dus dan is het nog veertien races. Ten derde was Pierre Gasly gedurende deze serie Max’ teamgenoot bij de laatste zeven races. Blijven dus nog zeven races over waar Max Emilian zijn oude vriend Daniel Ricciardo wist te verschalken.

Dat geldt natuurlijk nog steeds als een ontzettend goede prestatie. Het is ontegenzeggelijk dat Max ontiegelijk goed bezig is. Misschien is de statistiek van ’22 ongeslagen races’ alleen niet de beste om dat te onderstrepen. Wat we echter interessanter vinden: denk jij dat Max 1.0 geëvolueerd is naar Max 2.0 na de Grand Prix van Monaco vorig jaar?

Dank @autoblogger voor de tip!

Image-Credit: Max Verstappen via Instagram

Zo ziet 60 miljoen aan auto’s eruit op één foto

Dat krijg je als de goedkoopste al lekker aan de prijs is.

McLaren is lekker aan de weg aan het timmeren. In de jaren ’90 vergaarde het merk faam als het gaat om straatauto’s. De McLaren F1 was technisch gezien een straatauto, maar het apparaat was ook schofterig duur en met 64 straatuitvoeringen ook nog eens heel erg zeldzaam.

Tegenwoordig zijn McLaren F1’s nog veel duurder. Harstikke leuk natuurlijk, maar McLaren verdient niet echt heel erg veel aan die prijsstijgingen. Ja, de prijzen van het onderhoud grenzen aan het stratosferische. Je kan er bijna een Alfa Romeo 159 rijdend van houden.

McLaren F1 XP5 '93

Terug naar McLaren. Sinds de MP4-12C is het raceteam ook weer een echte autofabrikant. Het gaat de Britten redelijk voor de wind. De MP4 kwam in 2011 op de markt en sindsdien heeft het merk uit Woking er al 20.000 verkocht.

McLaren

Mede omdat dat feit luister bij te zetten, heeft McLaren een fotoshoot georganiseerd. Naar eigen zeggen is de verzamelwaarde van alle auto’s bij elkaar zo’n 50 miljoen pond. Dat komt niet door die 570S, hoe leuk die auto ook is. Met een verkoopwaarde van zo’n 275.000 euro ga je het daar niet mee redden. Gelukkig staan er ook een paar racers bij, een P1 en een prototype van de McLaren F1. Met name die laatste tilt de gemiddelde verkoopwaarde flink naar boven.

Meer weten? Check deze video waarin Casper McLaren geschiedenisles krijgt!

Eindelijk meer duidelijkheid over serie dikke sedans

Ze zijn in elk geval interessanter voor Nederland dan ooit.

Het was een beetje onduidelijk, een paar weken geleden. Cadillac introduceerde de CT4-V en de CT5-V. De motoren waren aanzienlijk minder krachtig dan voorheen, wat veel liefhebbers van snelle auto’s in het algemeen en rijdeursauto’s in het bijzonder (terecht) teleurstellend vonden.

Niet veel later toonde Cadillac een paar foto’s met daarop ‘gecamoufleerde’ versies van de CT4-V en CT5-V. Het was direct te zien dat deze snelle Cadillacs er aanzienlijk dikker uitzagen dan de reeds voorgestelde CT4-V en CT5-V. Het zorgde voor de nodige verwarring. Gelukkig, in het Amerikaanse The Globe and Mail doet Mirza Grebovic een boekje open. Grevobic bekleed de functie van Cadillacs Performance Variants Manager en dus de uitgelezen persoon om duidelijkheid te verschaffen.

Elektrisch

Ondanks dat het er nu nog niet op lijkt, moet Cadillac echt de Tesla-tegenhanger gaan worden. Cadillac moet het voortouw nemen als het gaat om premium elektrische auto’s. Echter, deze modellen zijn nu in ontwikkeling. Verwacht in elk geval een SUV en eventueel een sedan. Grebovic is er vrij duidelijk over dat tót die periode komt, Cadillac nog een paar modellen wil uitbrengen voor de petrolhead. Zoals hij zelf zegt: ‘Go out with a bang.’

Cadillac SUV EV Concept '19

Vsport wordt V

Een korte tijd heeft Cadillac de ‘Vsport’ modellen in de aanbieding gehad. Zie het een beetje als de M40i-modellen van BMW of de 45/53-AMG modellen van Mercedes. Duidelijk boven de normale range qua luxe, sportiviteit en prestaties, maar aanzienlijk lager gepositioneerd dan de ‘echte’ V-Series. Nu komt het verwarrende, de Vsport badge komt te vervallen en wordt vervangen door de V-modellen. Een voorbeeld: de Cadillac CT5-V (355 pk) vervangt eigenlijk de CTS V-Sport (425 pk), niet de CTS-V (met 640 pk).

Cadillac CTS Vsport '14

Beide modellen worden lager geplaatst

Van 425 pk naar 355 pk is alsnog een downgrade. Het is immers 70 pk minder. Echter, niet alleen de badges veranderen, ook de concurrentie. De Cadillac CT4 is NIET de directe opvolger van de ATS, maar wordt er iets onder gepsotioneerd. Volgens Mirza Grebovic is de CT4 meer een concurrent voor de BMW 2 Serie, Audi A3/S3 en Mercedes-Benz CLA. Met deze auto moeten ze de jeugd wat meer aanspreken. Vandaar ook een bereikbaar sportmodel in de vorm van de CT4-V. Hetzelfde geldt voor de CT5. Dat is geen 5 Serie tegenhanger, maar moet het de 4 Serie en Audi A5 lastig gaan maken. Er zit logica achter: Cadillac is ervan overtuigd dat de goedkopere en sportievere sedans meer aanspreken naar jonger publiek. Als deze ouder worden, kunnen ze altijd nog overstappen naar een SUV.

Cadillac CT4-V '19

V wordt Blackwing

Deze is niet bevestigd, maar lijkt een zekerheidje. Een kleine slag om de arm dus. De snelle CT6 heeft een ‘Blackwing’ V8 onder de kap. Diverse bronnen achten het zeker dat deze naam gebruikt gaat worden voor de heftigere versies van de CT4 en CT5.

Cadillac Blackwing

SUV

Hier kunnen we kort over zijn. Er komen V-modellen van bestaande SUV’s. Logisch, want dat zijn regelrechte toppers in de Boston Matrix: ze verkopen geweldig én er zit lekker veel marge op. Een no brainer dus.

Cadillac XT5 Sport '19

Meer lezen? Check deze 12 zwaar onderschatte auto’s!

Autoblog advies: zeer comfortabele benzine-cruiser voor 4,5k

Oh, en het mag ab-so-luut niet Duits zijn!

Duitse auto’s zijn populair in Nederland. Kijk de verkoopstatistieken er maar op na. Op zich ook logisch, ze worden over de grens gebouwd en voldoen voor een groot gedeelte aan de eisen die wij Nederlanders hebben. Daarbij zijn ze in Nederland in verhouding niet schrikbarend duur.

Bij veel aanvragen is Duits een pre en Duits plus premium al helemaal. Maar de begrippen ‘Duits’ en ‘premium’ hebben ook zo hun beperkingen. Veel Duitse auto’s worden niet eens in Duitsland gebouwd. Premium is leuk, maar als je de ramen open moet zwengelen, een handmatige airco hebt of zelf de ruitenwissers moet actieveren, kan men dat ervaren als armoe. Helemaal als je de instap-motor hebt die niet meer dan ‘adequaat’ is.

Gelukkig denkt Autoblog-lezer Joris out of the box. Hij heeft een vrij eenvoudig, maar een heel duidelijk verzoek. Hij is op zoek naar een ruime, luxe en comfortabele auto, met een benzinemotor en voldoende vermogen. Het liefst met lederen bekleding en een automaat. Kan dat? Maar natuurlijk. Hoewel, als we de occasionsites bezoeken komen we vooral heel erg veel oud Duits spul tegen, maar dat is nou juist wat Joris absoluut níet wenst.

De wensen en eisen van Joris zie je hier verwerkt in een tabel:

Huidige /vorige auto’s: Toyota Celica 1.8 VVT-i
Koop / lease: Koop
Zakelijk / privé: Privé
Budget: € 4.500
Jaarkilometrage: 35.000 km
Brandstofvoorkeur: Benzine
Reden aanschaf andere auto: Comfort
Gezinssamenstelling: Alleenstaand geen kinderen
Voorkeursmerken /modellen: Volvo S60, Kia Magentis V6, Nissan Maxima 3.0
No-go modellen / merken: Duitse auto’s

Wat mis je door de no-go’s?

Een hele hoop. We konden nog een heel artikel (of twee) schrijven als Duitse auto’s mee mochten doen. Het is verfrissend om auto’s uit Die Heimat uit te sluiten. Het levert namelijk veel frissere auto’s op in vergelijking met de Duitsers. Audi’s, BMW’s en Mercedessen rond dit prijspeil zijn er namelijk genoeg te vinden, maar de staat waarin ze zich verkeren is niet altijd even goed. Wel veel te nieuwe en grote imitatievelgen, maar de laatste drie jaar van het onderhoud zijn niet gedocumenteerd. En dat terwijl vier van de zes eigenaren de laatste twee jaar hebben gereden, dat soort auto’s.

Het is moeilijk om te zeggen of je per se die auto’s echt zal missen. Wat je wel mist is de Opel Omega (B) en de Ford Scorpio. Twee enorme sedans met veel ruimte en veel luxe. De exemplaren die het overleefd hebben, zijn vaak goed verzorgd. Het zijn heerlijke old-school cruisers. Ondanks hun achterwielaandrijving sturen ze niet beter dan een Saab of Audi, overigens. Maar dat maakt niet uit. Zoek er eentje met een grote V6 en je bent er. De Opel Omega is iets beter te vinden. De Scorpiboot is met recht een zeldzaamheid te noemen, maar juist daardoor nog leuker.

Opel Omega 3.2 V6 (B) '02

Cadillac Seville STS

€ 4.500

2001

140.000 km


Bovenstaande Opel was niet premium, maar had wel achterwielaandrijving. Deze Cadillac is wél premium, maar heeft voorwielaandrijving. Dat is nog een overblijfseltje uit de jaren ’70. Op zich is het niet direct storend als je rijdt met een Seville. Het interieur is verrassend goed voor elkaar. Natuurlijk, de knopjes met ‘tekst’ in plaats van icoontjes erop zijn wat lachwekkend, maar de afwerking en het materiaalgebruik zijn best aardig. Het ruimteaanbod is uitstekend. Er is keuze uit een ‘SLS’ en een ‘STS’. Ga voor de STS. Ja, die is ‘sportiever’, maar alleen in de zin dat de brogues van je vader óók sportief zijn. Nadelen zijn er ook. De Seville is voor een Amerikaan bescheiden, maar voor een Europeaan nog vrij zwaar en dorstig. De motor domineert wat dat betreft de ervaring van deze auto. Ook in positieve zin, want de 4.6 liter V8 is op de snelweg in zijn element en kan menig bestuurder verrassen met zijn vermogen van 305 pk!

Cadillac Seville STS '01

Lexus GS300 (S160)

€ 4.000

2003

240.000 km


De beste keuze uit dit hele overzicht is waarschijnlijk deze Lexus, mits de staat van de auto goed is. De meeste GS’en zijn namelijk aanmerkelijk duurder. Deze stond bij een particulier, wat de lagere prijs deels verklaart. Voor die kilometers hoef je niet bang te zijn, het is immers een Lexus. Die beginnen pas boven het half miljoen kuurtjes te vertonen, bij wijze van spreken. Ondanks de hoge mate van betrouwbaarheid (de 2JZ-motor is onverwoestbaar), is het wel handig om roest in de gaten te houden. Dat kan in sommige gevallen nog wel eens voorkomen, zeker als het niet tijdig behandeld is. De GS300 lijkt in veel aspecten op een BMW 5 Serie (E39). De Japanner is namelijk erg comfortabel, maar biedt voldoende scherpte en dynamiek. Het kenmerk van een uitgekiend onderstel. Verder kent deze auto niet echt veel nadelen. Daarom zijn de meeste exemplaren ook wat duurder, maar zeker hun geld waard als de staat aantoonbaar goed is.

Lexus GS300 (S160) '03

Hyundai Grandeur 3.3 V6 StyleVersion Aut. (TG)

€ 3.950

2005

230.000 km


Mochten de auto’s in bovenstaand overzicht te oud zijn, dan is deze auto een optie. De Hyundai Grandeur is een van de grotere Hyundai sedans (de Equus kwam helaas nooit naar Nederland). De Hyundai Grandeur heeft voorwielaandrijving, maar is aanzienlijk prettiger om te rijden dan zijn eigen achterwiel aangedreven voorganger, de XG350 (die op andere markten overigens ook Grandeur heette). Enfin: wat krijg je met zo’n Grandeur? Nou, heel erg veel! Wat te denken van een gezonde 3.3 liter V6 met 235 pk? Daarmee kun je alle 320d en E200’s naar de rechterbaan van de snelweg dirigeren. Hyundai besloot om werkelijk alle opties standaard te monteren. Xenon, leer, automaat, lichtsensor, elektrische stoelen met geheugen, parkeersensoren, gescheiden climate control en dergelijke zitten er altijd gewoon op. Qua techniek staan ze bekend als zeer betrouwbaar. Het enige lastige is onderdelen, er is geen groot onderdelencircuit zoals met Duitse auto’s het geval is. Dus je zult je aan de dealer moeten overleveren, die vaak verrassend prijzig uit de hoek kan komen.

Hyundai Grandeur 3.3i V6 StyleVersion (TG) '05

Saab 9-3 2.3t Arc (YS3E)

€ 4.290

2001

230.000 km


Ondanks dat er voldoende sportief aangeklede Saabs zijn, is een 9-5 nooit echt sportief. Snel zijn ze wel. Laat je je ook niet voor de gek houden door de bescheiden motor. Een 2.3 viercilinder klinkt in eerste instantie misschien als niet veel soeps, maar mede dankzij dubbele balansassen en perfecte afstelling is het blok soepel, smeuïg en zeer prettig in de omgang. Onderin heb je meer dan voldoende koppel voorhanden, bovenin de toeren wordt je getrakteerd op een aangename duw in de rug qua vermogen. Dat duwen gebeurt in episch prettige stoelen. Ze zien er niet bijzonder uit, maar ze zijn uiterst comfortabel én houden je goed vast, een fijne combinatie. Je kan kiezen uit drie ‘fases’ van de Saab 9-5. De eerste (1998 – 2001) is al wat ouder. Het laatste facelift model is te lelijk voor woorden. Dus ga voor het model dat van 2001 tot 2005 geleverd werd. Maak niet de fout om voor een 2.3T Aero te gaan. Die zijn véél sneller, maar voor 4,5 mille zit er vaak nog wat werk aan, terwijl de ‘senioren-spec’ 9-5jes behoorlijk netjes zijn.

Volvo S90 3.0 Exclusive Aut.

€ 4.400

1997

255.000 km


Voor 4.500 euro kun je de fijnste Volvo’s S80 vinden. Qua karakter doet de S80 denken aan bovenstaande Saab. Alleen is een S80 een stukje saaier en minder eigenzinnig. Qua rijden is de S80 wat logger, maar de stoelen zijn zo mogelijk nog fijner. Een S80 bekijken kan echter altijd nog, maar wij hebben een ander voorstel. Probeer te zoeken naar een van de weinige oude S90’s die er te vinden zijn. Deze worden al langzaam maar zeker al wat prijziger, met name de stationwagons die luisteren naar de naam V90. De S90 doet het meeste denken aan oude Mercedes. Een tank op wielen. Niet kapot te krijgen. Ondanks de 3.0 (eigenlijk een 2.9) zes-in-lijn en achterwielaandrijving heeft deze auto bijna nul dynamische capaciteiten. Maar de kracht van de S90 is de onverzettelijkheid. Deze auto gáát maar door. Hij is zwaar, zuipt te veel, de automaat is traag en ondanks airco en leer zijn ze vaak niet eens echt luxe aangekleed. Maar dat maakt niet uit. De S90 is de laatste der mohikanen. Nog een échte Volvo.

Volvo S90 3.0 Exclusive '97

Chrysler 300C 2.7 Aut. (LE)

€ 4.000

2005

120.000 km


Deze Chrysler doet gek genoeg wel wat denken aan de Volvo S90. Ondanks dat het overduidelijk een Amerikaan is, heeft de auto Duitse roots. De bodemsectie komt namelijk voor een groot deel overeen met de Mercedes E-Klasse van de W210-generatie. Het is niet letterlijk dezelfde auto. De 300C is namelijk veel groter, zwaarder en ruimer. De wielbasis van de 300C is maar liefst 21 centimeter groter dan die van de E-klasse. Dat is een enorm verschil. De 2.7 motor is op zich prima. Redelijk gemanierd, maar eigenlijk is ‘ie te licht voor de 300C als je een beetje haast hebt. Gelukkig zijn er ook een 3.5 V6 (253 pk) en een 5.7 Hemi (345 pk), maar die vallen helaas buiten het budget. Een voordeel is dat de 300C een stukje moderner in de letterlijke zin des woord is dan de andere auto’s in dit rijtje. Je kunt redelijke frisse exemplaren vinden. Qua luxe valt het dan wel weer tegen. Het meeste zit er wel op en aan, maar echt een rijk gevoel aan boord heb je door het knoeperharde plastic niet.

Chrysler 300C 2.7 V6 (LE) '05

Peugeot 407 Coupe Pack 3.0-24v Aut.

€ 4.500

2006

170.000 km


Als je een comfortabele kilometervreter zoekt, moet je kijken naar een Franse auto. Er zijn een paar opties. De Renault Vel Satis is een optie, maar een zeer gewaagde en je moet er een aparte smaak voor hebben. Andere opties zijn een Citroen C6 (veel te duur) of een Citroen C5 (veel te meh). Wij vonden enkele exemplaren van de Peugeot 407 Coupe met drieliter motor en automaat. De 407 Coupé werd door de pers destijds niet begrepen. Want het was absoluut geen sportieve coupé. Dat was eigenlijk ook niet de insteek. Het moest juist een luxe cruise-mobiel worden en dat is uitstekend gelukt. De 407 Coupé is niet zo mooi als de 406 Coupé, maar het is een bijzondere verschijning die nog niet heel erg verouderd oogt. Qua betrouwbaarheid is het niet zo’n drama als sommige verhalen op het internet doen geloven. Zorg er in elk geval voor dat auto recent goed onderhoud heeft gehad.

Peugeot 407 Coupé Pack 3.0 V6 Aut. '06

YOLO: Land Rover Range Rover 4.6 HSE (P38A)

€ 3.500

2001

295.000 km


Als het om cruisen gaat, is een Range Rover bij uitstek geschikt. De Range Rover Classic modellen beginnen behoorlijk in waarde toe te nemen en de derde generatie Range Rover wordt al een gewilde youngtimer in sommige kringen (rond Blaricum). Deze tweede generatie Range Rover valt daardoor een beetje tussen wal en schip. Ga meteen voor een hele dikke: een HSE-uitvoering met 4.6 liter V8. Ondanks die enorme motor is de Range Rover niet snel. Het maakt niet uit, want je zit hoog en rechtop als ware het op een troon. Gezien de MRB en accijnzen zou je die troon ook best verdienen eigenlijk. De kans op malheur is uiteraard aanwezig, hoewel de Range Rover ook weer niet zo slecht is als de horrorverhalen doen vermoeden.

Land Rover Range Rover 4.6 HSE (P38A) '01

Wil jij ook advies over je volgende auto? Vul dan dit formulier in, waarbij je ons voorziet van alle relevante gegevens. Wie weet vinden wij jouw volgende droom-auto!

LOL! Tesla kan onderzeeërs gaan bouwen

Elon, wat ben je nu weer van plan?

Tesla en gekkigheid, dat kennen we wel. Niet alleen Tesla zelf met hun stunts, maar ook Musks bedrijf The Boring Company doet wel eens maffe dingen. Zo is Elon Musk op alles voorbereid als het gaat om autogerelateerde ‘gimmicks’.

Want het voorbereiden op de elektrische toekomst, daar is Tesla nu wel redelijk klaar mee. Mocht de elektrische aandrijving de toekomst zijn, dan staat Tesla vooraan. Wat is de volgende stap? Dat vroeg iemand zich tijdens een bijeenkomst voor aandeelhouders ook af. Hij vroeg Elon of hij misschien bezig is met een andere revolutie. Iets met amfibievoertuigen. Want laten we eerlijk zijn, er zijn auto’s die zowel op de weg als onder water werken, tuurlijk zijn er de Amphicars en dergelijke projecten, maar auto’s die ook echt tot op de bodem kunnen, zijn er (nog) niet. Is daar ruimte voor?

Een wat bizarre vraag, gezien het feit dat dus niemand zich heeft gewaagd aan een dergelijke creatie. Elon, daarentegen, heeft wel eens nagedacht over deze kwestie. Sterker nog: hij heeft een ontwerp klaarliggen voor een Tesla-onderzeeër. Zoals bij vele Musk-achtige projecten is de markt ervoor misschien niet bizar groot, maar Musk zegt dat de mensen die er eentje zouden willen, wel enthousiastelingen zijn. Wij noemen ze liever knettergek, mensen die een onderzeeër willen waar je ook nog mee kunt rijden.

Elon en zijn onderzeeër-ambities komen echter niet uit de lucht vallen. In 2013 kocht de CEO van Tesla de Lotus Esprit uit de Bond-film The Spy Who Loved Me. In de film werd gebruik gemaakt van CGI-trucjes: de makers van de film konden geen functionele Lotus-onderzeeër bouwen. Musk denk dat wel te kunnen met zijn persoonlijke Esprit. Misschien dat als hij dat voor elkaar kan boksen, een Tesla-onderzeeër op diezelfde basis wel eens productierijp zou kunnen zijn. Wij zijn heel erg benieuwd.

Dit moet je weten over de BNR Autoshow van 14 juni, 2019

In deze nieuwe serie nemen we wekelijks de gebeurtenissen van het radioprogramma onder de loep.

Vanmiddag schoven Wouter Karssen (Autoblog) en Meindert Schut weer aan tafel voor de Nationale Autoshow van BNR. Te gast waren Carlo van de Weijer (hierboven afgebeeld) van de TU Eindhoven om te spreken over het Deltaplan Mobiliteit en Daan Kersten, CEO van Additive Industries. Laatstgenoemde was in het radioprogramma om uit te leggen hoe het te werk gaat met 3D-printen.

Het Deltaplan van de Mobiliteitsalliantie.

Van de Weijer, directeur Smart Mobility aan de TU Eindhoven, vertelde vanmiddag in de Autoshow wat hij vindt van het Deltaplan van de Mobiliteitsalliantie. Het plan, opgesteld door tenminste 25 bedrijven en brancheverenigingen, stelt dat er spoedig iets moet veranderen aan het (openbaar) vervoersnetwerk in Nederland. Als er geen drastische maatregelen worden genomen, dan zal het land in 2030 tot stilstand komen te staan. Volgens de alliantie kan de situatie worden opgelost voor het rijpe bedrag van 56 miljard euro.

Het Deltaplan krijgt van Carlo van de Weijer een 7, vooral omdat het hem niet zozeer duidelijk is hoe de betrokken partijen nu precies van plan zijn de situatie op te lossen. Met het bedrag van 56 miljard euro zal de situatie ongetwijfeld kunnen worden aangepakt, maar waar het geld straks exact naartoe zal gaan, dat is vooralsnog niet duidelijk. Volgens van de Weijer is het “lastig in te schatten” waar het geld precies naartoe moet.

In het Deltaplan brengt de Mobiliteitsalliantie het fenomeen ‘rekeningrijden‘ weer terug. Hoewel lang niet iedereen zich hierin kan vinden, is het bepaald geen slecht plan. Zeker als de andere belastingen inderdaad worden geschrapt of herzien, kan het redelijk aantrekkelijk zijn. Van de Weijer ziet dit ook en denkt dat rekeningrijden ongeveer 15 cent per gereden kilometer moet kosten. Het is de bedoeling dat rekeningrijden per 2024 wordt ingevoerd.

Over 3D-printen.

Daan Kersten van Additive Industries was eveneens aanwezig in de Nationale Autoshow. In zijn gesprek met Meindert en @wouter vertelt hij het een en ander over de wereld van 3D-printen en hoe de techniek tegenwoordig gebruikt wordt in de auto-industrie. Het bedrijf heeft een groot aantal klanten wereldwijd, onder meer het Formule 1-team van Alfa Romeo. Kersten nam zelfs een aantal onderdelen mee naar de studio om het resultaat te laten zien.

De auto-onderdelen van @TeamAdditive 👇🏻 pic.twitter.com/7E3rU1fmkP

— BNR Autoshow (@BNRautoshow) June 14, 2019

Alfa Romeo Racing, de grootste klant van Additive Industries, gebruikt de machines van het Nederlandse bedrijf o.a. om de rolhoep, een gedeelte van de uitlaat en de zogenaamde rocker arm te maken. Het Formule 1-team heeft recentelijk alweer zijn vierde machine van Additive Industries gekocht. 3D-printen wint tegenwoordig zeer aan populariteit, bijvoorbeeld omdat de geproduceerde onderdelen veel lichter zijn dan “de oude manier” van bouwen.

Terugluisteren? Klik HIER om de aflevering van vandaag af te spelen.

Alle belangrijke informatie over de nieuwe Renault Master en Trafic

We leggen de auto’s nogmaals onder de loep.

Renault heeft dit jaar goed de smaak te pakken als het aankomt op zijn bedrijfswagens. De Franse fabrikant heeft voor praktisch ieder model een vernieuwing klaar en voegt zelfs een aantal varianten aan zijn gamma toe. Twee van zijn meest populaire bedrijfswagens, de Master en de Trafic, zijn bijgepunt en dragen voortaan het nieuwe gezicht van het merk. In dit artikel kijken we wat er allemaal nieuw is aan de beide voertuigen.

Bij de grotere van de twee is logischerwijs ook duidelijker te zien dat Renault zijn nieuwe designtaal in de auto heeft verwerkt. In de grille van de Master vinden we vier horizontale, verchroomde spijlers. Direct daarin over gaan de beide koplampen, die voortaan de bekende C-vorm hebben. De Trafic heeft een kleinere grille en daarom één spijl minder. Wel heeft de kleinere bedrijfswagen standaard LED-verlichting.

Nieuw is eveneens het interieur van de Master. Met deze facelift heeft Renault geprobeerd de auto weer eigentijds te maken en dat is gelukt. Net als zijn nieuwe gezicht helpt het bijgespijkerde interieur de Master naar ‘het nu’ te tillen. Ondanks dat Renault de binnenzijde ook ditmaal bestempelt als een prima werkstation, heeft het voor de vernieuwde Master kenmerken van zijn personenauto’s overgenomen. Zo is het comfort verbeterd, heeft hij een nieuw dashboard, chromen accenten en een nieuwe schakelpook. De Trafic krijgt dezelfde aanpassingen voor de kiezen. Overigens krijgen beide wagens de nieuwse veiligheidssystemen mee van Renault, zoals o.a. Wide View Mirror, Front and Rear Park Assist en Trailer Swing Assist.

Dit moet je weten over de nieuwe Renault Master en Trafic

Qua motoren kunnen de Master en Trafic respectievelijk rekenen op nieuwe 2.0 en 2.3 dCi-blokken, die maximaal 170 en 180 pk leveren. Iedere versie is uiteraard gebouwd naar de huidige Euro 6d-standaarden. Renault heeft het tegelijkertijd voor elkaar gekregen de motoren iets zuiniger te maken. Dat gezegd hebbende is het een minimale verandering: per 100 kilometer moet er ongeveer één liter worden bespaard.

Tevens zal ook deze versie van de Master weer als volledig elektrische Z.E. op de markt komen. Vernieuwingen voor dit model zijn er niet. Wederom heeft hij een maximale actieradius van 120 kilometer, dankzij zijn 75 pk sterke elektromotor en 33 kWh accupakket.

In Nederland kosten de nieuwe Renault Master en Trafic respectievelijk 20.065 euro en 23.990 euro. Prijzen zijn uiteraard exclusief BTW.

Deze woonboerderij heeft een autolift voor je Maserati

Parkeer de auto en laat hem zakken naar je mancave.

Zo met een luchtfoto is de bijzondere autolift enigszins te zien. Wat kan jou het schelen, wie dit bedacht heeft is geniaal. Je hoeft niet altijd weg te dromen bij Californische villa’s om Batman-toestanden mee te maken. In het nuchtere Nederland, om precies te zijn in Wetering, is een huis te vinden die precies dat gevoel geeft.

Deze woonboerderij heeft een autolift voor je Maserati

Op het souterrain is een autolift gemaakt. Het systeem komt uit de grond naar boven en je kunt er vervolgens één auto in rijden. De lift gaat naar beneden en komt uit in garage. Volgens de advertentie op Funda kunnen er meerdere auto’s geparkeerd worden. Het enige nadeel wat je kan bedenken is dat je slechts één auto tegelijk naar binnen of naar buiten kunt rijden. Maar ja, als dat het enige is.

De woonboerderij uit 1976 heeft een perceel oppervlakte van 4.355 m². Er zijn in totaal 20 kamers, waarvan 5 slaapkamers. Naast een primaire woning is een guesthouse en een boothuis aanwezig op het stuk grond. De tuin is idyllisch ontworpen. De Efteling is er niets bij. De eigenaar (m/v) vraagt 2.150.000 euro voor het object. Je kunt de advertentie hier bekijken.

Met dank aan Niels voor de tip!

Officieel: jankende atmosferische 6.5-liter V12 naar Le Mans [update]

Pak je kalender er maar bij. Geef je oren en ogen de kans dit bewust mee te maken.

Formule 1 met hybride V6-motoren, de opkomst van Formule E en veelal geblazen motoren in andere racecompetities. In vergelijking met vroegâh is er voor racefans van puur autogeluid weinig te genieten (oké, de 911 RSR klinkt wel gruwelijk). Daar komt verandering in! Geen geruchten of een vage speculatie. Gewoon een officiële mededeling dat het vanaf 2021 weer een feestje gaat worden op Le Mans.

Aston Martin heeft bekendgemaakt met de Valkyrie deel te nemen aan de 24 uur race. Eerder lieten de Britten al weten te spelen met het idee en nu is het nieuws daar. Vanaf 2021 maakt de Valkyrie deel uit van een nieuwe top categorie binnen de FIA World Endurance Championship (WEC). Deze categorie is exclusief weggelegd voor hypercars. Aston Martin neemt deel met twee Valkyries in deze klasse. De nieuwe categorie beleeft zijn debuut tijdens de 2021 24 Hours van Le Mans. Dat jaar is geen toeval. In 2021 is het precies 100 jaar geleden dat Aston Martin als merk voor het eerst deelnam aan de 24 uur van Le Mans.

De Valkyrie beschikt over een atmosferische 6.5-liter V12 van Cosworth. De hypercar is gebouwd met een carbon structuur en heeft aerodynamica geïnspireerd uit de Formule 1. Aston Martin heeft de Valkyrie ontwikkeld in samenwerking met Red Bull Racing. De laatste zin van Andy Palmer in onderstaande quote brengt toch nu al het kippenvel op je arm?

The Aston Martin Valkyrie is primed for such a challenge and sits perfectly within the ACO’s new ‘hypercar’ rule framework. Bringing to bear all of our previous experience and knowledge of competing at the top levels of motorsport, we embark on this most ambitious project with the necessary ingredients for success. What could be more evocative than the wail of an Aston Martin V12 leading the charge into the night on the Mulsanne straight? – Andy Palmer, Aston Martin Lagonda President

Officieel: jankende atmosferische 6.5-liter V12 naar Le Mans

Pak je kalender er maar bij. Geef je oren en ogen de kans dit bewust mee te maken.

Formule 1 met hybride V6-motoren, de opkomst van Formule E en veelal geblazen motoren in andere racecompetities. In vergelijking met vroegâh is er voor racefans van puur autogeluid weinig te genieten (oké, de 911 RSR klinkt wel gruwelijk). Daar komt verandering in! Geen geruchten of een vage speculatie. Gewoon een officiële mededeling dat het vanaf 2021 weer een feestje gaat worden op Le Mans.

Aston Martin heeft bekendgemaakt met de Valkyrie deel te nemen aan de 24 uur race. Eerder lieten de Britten al weten te spelen met het idee en nu is het nieuws daar. Vanaf 2021 maakt de Valkyrie deel uit van een nieuwe top categorie binnen de FIA World Endurance Championship (WEC). Deze categorie is exclusief weggelegd voor hypercars. Aston Martin neemt deel met twee Valkyries in deze klasse. De nieuwe categorie beleeft zijn debuut tijdens de 2021 24 Hours van Le Mans. Dat jaar is geen toeval. In 2021 is het precies 100 jaar geleden dat Aston Martin als merk voor het eerst deelnam aan de 24 uur van Le Mans.

De Valkyrie beschikt over een atmosferische 6.5-liter V12 van Cosworth. De hypercar is gebouwd met een carbon structuur en heeft aerodynamica geïnspireerd uit de Formule 1. Aston Martin heeft de Valkyrie ontwikkeld in samenwerking met Red Bull Racing. De laatste zin van Andy Palmer in onderstaande quote brengt toch nu al het kippenvel op je arm?

The Aston Martin Valkyrie is primed for such a challenge and sits perfectly within the ACO’s new ‘hypercar’ rule framework. Bringing to bear all of our previous experience and knowledge of competing at the top levels of motorsport, we embark on this most ambitious project with the necessary ingredients for success. What could be more evocative than the wail of an Aston Martin V12 leading the charge into the night on the Mulsanne straight? – Andy Palmer, Aston Martin Lagonda President